maandag 19 november 2007

kil

Naast het huis waarin ik opgroeide woonden mijn tante en peter. Toen ik klein was sloop ik dagelijks over de lage heg in de tuin en kwam zo in hun bijkeuken terecht, waar het elke dag intens geurde naar vers brood. Dat was niet het resultaat van tante’s denkelijke kooktechnieken. Ergens middenin het huis werd er gebakken : brood, pistolets en sandwiches. Mijn peter was warme bakker. Ik mocht niet in de bakkwartieren komen. Peter bracht af en toe wat lekkers voor me mee uit de donkere diepte van het huis. In Sinterklaastijd maakte hij me in primeur een popje van zacht, gezoet sandwichedeeg dat eerst rond Kerst werd verkocht. Die zachte pop had ogen en een navel van rozijnen.

De herinnering overrompelt me als ik met twee andere nieuwsgierigen op stempelcursus trek in de hobbywinkel van de stad. De lesgeefster hult zich in dezelfde lichaamsgeur als mijn tante destijds, net niet zoet, op het randje af ranzig. Misschien is het een geur die zich hecht aan forse mensen? We zitten in een donkere, rommelige ruimte die wordt verwarmd door een gasconvector. Dat wil zeggen warm aan de kont, ijzig aan de voeten. De gebreide vest die ik aanvankelijk over de stoel gooi, trek ik na een poosje onopvallend weer aan. Net als tante draagt deze dame een sluipende toorn met zich mee, die ze aanboort als ze ons gebiedt de dekseltjes op de stempelkussens te doen! De stempels af te wrijven! De tafel niet te besmeuren!... Ik pas me, geïntrigeerd door de franke vertoning, aan de situatie aan en probeer warempel enkele nieuwe stempeltechnieken uit. De cursisten kennen elkaar nauwelijks, maar in een mum van tijd zijn we gniffelende bondgenoten geworden.

In een onopvallend ogenblik valt me het telefoongesprek dat ik met mijn schoonzusje eerder op de dag voer te binnen. Ze heeft tante en peter teruggezien. Tante is in behandeling in het ziekenhuis, voor een ziekte die haar man moeilijk duiden kan. Geen van beiden zijn erg spraakzaam. Het blijkt om een ingrijpende therapie te gaan die nefaste gevolgen zal hebben voor tante’s weelderige, sneeuwwitte haardos. Het contact tussen hen en mezelf is verwaterd omwille van allerlei familiale kwaaltjes, maar hier speelt bittere ernst duidelijk de hoofdrol. Misschien dat ik de aquarel van tulpen die ik zowaar uit mijn vingers stempel (!) en squeeze (!) cadeau kan doen. Een amateuristisch ingekleurd prentje voor een ontstemde familierelatie?

1 opmerking:

Anoniem zei

Hallo Nadine, ik geef je hier de site van de vzw waar we het deze morgen over hadden op de trein http://users.telenet.be/optournee/ Hij is niet helemaal up to date, maar je kan er alvast wat extra info op terugvinden. Indien nodig kan je me altijd mailen johan.janssens@rsz.fgov.be zoals je kan zien, meer Vlaamse naam als ondergetekende kan je niet vinden ;-)

groetjes,
John (of Johan...afhankelijk hoe de wind waait)