zaterdag 4 oktober 2008

blauwdruk

In een uithoek van de bouwgrond van lievelingsneef S. staan grassen en gewassen. Fiere prei die weer, wind en zon nodig heeft om te worden wat de jonge planten beloven. De schoonzussen en ik hebben het ’s middags tussen wijn en sla ineens over kabuizen. Ik knik, maar ik registreer afwezig. Het is een woord dat ik in geen jaren heb gehoord. Dan klinkt tante M’s stem op uit een ver verleden : ‘pas op voor de kabou√™zen inn’n hof*! …’, en ik ben eensklaps terug vier. Ik schiet me aan een rotvaart door de hof, tussen spruiten en kabuizen door, mijn lilapaarse, opgevulde speelgoedhond onder de arm. Tante M. probeert me te kieken, maar ik heb het niet begrepen op dat kleine, vierkante, bruinlederen doosje van haar.
* trap de witte kool niet naar de verdoemenis!

Die prive show voeren we heel de winter door op. Op de duur vindt ze het niet meer erg dat ik niet stilhoud voor de camera om een glimlach of twee te synchroniseren met de tijd die de lens nodig heeft. Ze vergeet af en toe het doosje compleet, op de hoek van de keukentafel. Ik spied ernaar, mijn zwijgzame hond snuffelt. Ik probeer verdwijnen-in-het-niets uit, maar dat is buiten tante M’s man gerekend. De jaren die volgen vergeet ik de kiekjesdoos, de enkele zwart-wit foto’s ten spijt.

Tot ik recent op zoek ga naar een vierkant, ouderwets fototoestel met dubbele lens, om gekunstelde, nostalgische foto’s te maken. Ik herinner me het dekselse fotobakje en pols tante M’s man. Of dat bakje misschien rondslingert in een lade? Hij kijkt me vreemd aan, waarna hem zichtbaar al die maanden van mislukte photo shoots voor de geest schieten. Hij knikt geestdriftig en vraagt wanneer ik het kom oppikken? ‘Weet je,’ voegt hij bij wijze van bijzonderheid eraan toe, ‘dat toestel komt uit Duitsland. Meer dan dat, het is jouw eigen vader die dat meebracht, in zijn soldatentijd. In ruil voor sigaretten was je vader transporteur van goederen die hier niet te krijgen waren. Jouw tante M. bestelde dat bakje bij haar broer, en nu wens jij dat voor eigen gebruik terug! Het ligt voor je klaar, hoor’.

Ik besef dat mijn vaders vingerafdrukken op het bakje zullen staan, indien niet wezenlijk, dan op zijn minst denkbeeldig. Ik kan me geen gepastere zegening indenken.

Geen opmerkingen: