maandag 23 maart 2009

are you being served?

(london - part three)
De bus voert me naar the end, MILE END. De zaterdagochtend trilt uitbundig. Ik neem de tube naar Stratford, stap over op een trein naar Gospel Oak. Het is vroeg, de weekendreizigers hebben een bestemming. Een teenager zit op zijn fietszadel in de doorgang van het treinstel, maakt een proefwerk van zijn evenwichtsoefening. De dame tegenover me stopt een reflex camera in haar handtas, en dat lukt slecht. Ik ken het gevoel, ik wilde dat ik het haar kon zeggen. Maar er wordt niks gesproken. Behalve de bestemming, reist apathie aan onze zijde. Een blik naar buiten helpt niet echt. De blakende zon beschuldigt de immense verbeteringswerken die Oost-London in haar greep houden. Steigers, putten, kraters, brokstukken. Dit is de poort naar het toekomstige Olympia-land, de einder van de Eastend wordt herschreven. Daarom ook heb ik vanmorgen besloten mijn weg naar Fassett Square te zoeken en te vinden, vooraleer het pleintje wordt opgeslokt in globalisatie. Mijn bestemming is Hackney.

'Nope, ma'e, you're wrong', triomfeert de rasta straatwerker. Ik heb beide mannen van 't stad tegengehouden, en vraag hen waar ik Fassett Square vind. Ze weten het alletwee, maar ze spuien onvergeeflijk tegengestelde richtingen, hetgeen mij niet vooruithelpt. Eén van hen heeft, bless him, last van een spraakgebrek, wat van zijn routebeschrijving een raadsel maakt. Ik staar hem verbluft aan, waarop hij zich geviseerd begint te gedragen. Zo verzeil ik in moeilijke papieren, voorzie ik, en hun veegborstels vegen vast schoon! Ik maak me uit de voeten, hen bedankend voor hun hulp, not! Maar ik loop richting High Street; op High Street moet het lukken!

Taxichauffeurs, bewakingsagenten, winkelbediendes, een hotdogventer, een postkantoorbediende, een chauffeur van DOCKLANDS LIGHT RAILWAY. Nada, niks, ze kennen de Square wel, maar weten niet waar die ligt. Ik tuimel een charity shop binnen en waag het nog een laatste keer. Ik zit vlakbij, moet enkel de bus nemen richting Victoria en op Graham Road eruitgaan. Ik knik, pik een Daphne Du Maurier mee uit het rek, betaal bij een grumpy old lady en ga weer op in de couleur locale van de winkelstraat, met de priemende zon in mijn rug. De bus brengt me een brug te ver, waarna ik word tegengehouden door weekendjehova's. Ik raak de zwarte vrouw aan op haar arm, vertrouw haar toe dat ik niet op zoek ben naar Jaweh, maar naar Fassette Square. 'Love, you're close', zegt ze beminnelijk en toont me dat ik linksaf wil slaan aan de rode postbus. Die mijlpaal ken ik, links van de brievenbus kom ik eindelijk uit op de gegeerde Square, die in de jaren tachtig model stond voor de buitenopnames van EASTENDERS. Ik loop het pleintje over, snuffel als een hondje aan de randen van het priveperk, houd de camera op tegen het zonlicht. Het ingeslapen zeestadje waar ik woonde in de eighties schiet me te binnen, de bedsit, het luizenbed van waaraf ik Pauline (ex-Miss Brahms) Cockney hoorde krijsen. Herinneringen grijpen diep.

Vervuld van extase en aangevuurd door die zon, die zon ! spring ik de bus naar Victoria weer op. De lanen, de straten, de stegen passeren onder het raampje. Een stelletje boezemvriendinnen halen luidruchtig afgelopen vrijdagnacht op; in geuren, in kleuren. 'Like, what was he like?'. Ik glimlach me te pletter. Mijn nieuwe bestemming is THE BRITISH MUSEUM (weekenddrukte), Foyle's (geen aanrader van een lunchbar), Woolf's voormalige verblijfplaats op FITZROY SQUARE (weinig ziel). Maar dat komt natuurlijk omdat het buiten is dat het leven zich afspeelt. Buiten is het dat de natuurlijke bron opbrandt, tot ze 's avonds beloftevol en karmozijnrood ondergaat.

'Morgen weer zo'n dag!,' zegt de treinbegeleider enthoesiast, als ik via LONDON BRIDGE huiswaarts waad. 'Wil je die camera zomaar op je borst hebben bungelen?', vraagt hij er achteraan. Ik haal mijn schouders op. Hoe doen anderen dat, vraag ik me af? Als je foto's maakt, dan moet je dat ding toch voorop hebben? En overigens? Wié van de gauwdieven heeft aandacht voor een ingewikkelde reflex camera? Maar ik leg het hem niet uit. Terwijl ik doorloop hoor ik hem vermakelijk toevoegen : 'Wil je niet een foto van mij?'. Ik draai me in mijn vlucht half naar hem om, frons mijn wenkbrauwen. 'Nigh-night,' fluit hij vergoelijkend. Tja.

1 opmerking:

didiermaurice zei

ge zijt in 'form', en de 'form follows the function', de 'pictures' maken je gerecht top, okido